Op 19 augustus 2026 heeft het RIVM gemeld dat een bloeddonor in Nederland besmet is geraakt met het westnijlvirus. Het instituut gaat ervan uit dat de besmetting in Nederland heeft plaatsgevonden, omdat de donor niet recent in het buitenland is geweest.

De besmetting bij de donor volgt op de vondst van het virus bij een paard in Zuid-Holland twee weken geleden en bij een vogel in een andere provincie. Volgens het RIVM wijst dit erop dat er in Nederland muggen actief zijn die het westnijlvirus bij zich dragen. Het virus komt van nature vooral voor bij vogels en kan via muggenbeten op mensen worden overgedragen.

Viroloog Marion Koopmans geeft antwoord op vragen over het virus. Vier op de vijf besmette mensen merken volgens haar niets van de infectie; één op de vijf krijgt griepachtige klachten. In ongeveer één op de honderd gevallen kan de ziekte ernstig verlopen; in uiterste gevallen kunnen verlammingsverschijnselen optreden.