De Duitse film The Good Sister, het speelfilmdebuut van regisseur en scenarist Sarah Miro Fischer, vertelt het verhaal van Rose (Marie Bloching), die als getuige wordt opgeroepen nadat haar broer Sam wordt beschuldigd van verkrachting. De film draait om één nacht waarin Rose, die bij Sam logeert, geluiden uit zijn slaapkamer hoort en later een jonge vrouw haastig ziet vertrekken. Weken later dwingt een oproep haar om onder ogen te zien wat ze mogelijk heeft gezien.

Fischer, die de film maakte als afstudeerproject, onderzoekt het ongemak en de ontkenning die ontstaan wanneer een naaste wordt beschuldigd van seksueel geweld. In de openingsscènes worden Rose en Sam neergezet als hecht, bijna symbiotisch. Na de oproep ontkent Rose aanvankelijk iets te hebben gezien of gehoord, worstelend met haar beeld van haar broer tegenover de beschuldiging.

De film vermijdt een belerende toon en kiest voor terughoudende, intieme vertelkunst. Sleutelmomenten worden overgebracht via subtiele gebaren—een vluchtige blik, een onuitgesproken wisseling—in plaats van expliciete dialoog. The Good Sister roept de vraag op wat ervoor nodig is om het vertrouwde beeld van een familielid drastisch te herijken.