Prins Carlos de Bourbon de Parme vindt dat de Tibetaanse gemeenschap in Nederland een eigen cultureel centrum verdient. Dat zei hij tijdens een bijeenkomst op Paleis Soestdijk op 24 oktober 2026, waar werd stilgestaan bij een grote inzamelingsactie voor Tibetaanse vluchtelingen zestig jaar geleden.

Carlos, een zoon van prinses Irene, greep de bijeenkomst aan om te bepleiten dat de Tibetaanse gemeenschap in Nederland een vaste plek krijgt waar de eigen cultuur kan worden bewaard en getoond. Op het voormalige koninklijk paleis kwamen mensen samen die betrokken waren bij of verbonden zijn aan de vluchtelingenzaak die zestig jaar terug werd gesteund.

Het pleidooi werd verbonden aan de herdenking van die inzamelingsactie, die halverwege de jaren zestig plaatsvond toen Tibetaanse vluchtelingen na hun vertrek uit hun thuisland onderdak zochten. Over een mogelijke locatie, financiering of planning voor een cultureel centrum werden geen details gegeven, en er werd niet bekendgemaakt wie het plan verder zou trekken.

De positie van de Tibetaanse gemeenschap in Nederland is eerder publiekelijk aan de orde geweest, maar de uitspraken van de prins vestigen opnieuw de aandacht op het idee van een eigen culturele ontmoetingsplek. Of organisaties of overheden het voorstel oppakken, werd niet duidelijk gemaakt.