Koning Charles heeft de trans-Atlantische slavenhandel "beschamend" genoemd en gezegd dat die hem "met afschuw vervult". Dat deed hij op 3 november 2026 in een toespraak tot leiders van het Gemenebest op Antigua, zonder excuses aan te bieden.

In de rede noemde de koning de slavenhandel een "beschamende bladzijde" en zei hij dat "we het verleden niet kunnen veranderen". Daarmee vermeed hij opvallend genoeg elke suggestie van Britse excuses voor de rol van het land in de slavernij. Hij erkende de gruwel van de handel, maar benadrukte tegelijk dat het verleden niet ongedaan kan worden gemaakt.

De toespraak volgde op oproepen aan de Britse regering om formele excuses aan te bieden voor de historische rol van Groot-Brittannië in de trans-Atlantische slavenhandel. In de woorden van de koning kwam zo'n excuus niet voor; hij richtte zich vooral op de erkenning van het beschamende karakter van de handel.