De woede over de stijgende kosten van levensonderhoud voedt de rellen in Frankrijk en is zelfs op het platteland voelbaar, zegt journalist José Masschelin, die zich tien jaar geleden in de landelijke Dordogne vestigde. Hij beschreef de sfeer op 24 oktober 2026 als een van brede frustratie onder gewone Fransen.

De aandacht ging vooral naar de vraag waar het geweld zou opflakkeren, nadat een week voor 24 oktober 2026 het stadhuis van Limoges in vlammen opging. Ook Orléans stond in de schijnwerpers, waar Marine Le Pen op 25 oktober 2026 haar presidentscampagne zou aftrappen, en naar de vraag of het straatgeweld daarheen zou overslaan of terug zou keren naar Parijs.

Masschelin, die al tien jaar in de Dordogne woont, zegt dat hetzelfde ongenoegen ook op het platteland leeft. Hij wijst de kosten van het dagelijkse leven aan als de kern van de klacht: er is geen geld meer voor pleziertjes, de winkelkar is waanzinnig duur geworden en de prijzen aan de pomp willen maar niet dalen.

Volgens Masschelin zijn de kassen van de staatsinstellingen leeg, wat de publieke verontwaardiging nog versterkt. Hij uitte ook scherpere kritiek op zijn landgenoten: te veel mensen in het land “steken geen poot uit”.