De Europese Commissie heeft op 27 oktober 2026 een nieuw kader voor klimaatweerbaarheid voorgesteld. Elke lidstaat moet daarin een strategisch plan opstellen over hoe het omgaat met de risico's van klimaatverandering, waarbij rekening wordt gehouden met een opwarming van 3 graden tegen het einde van de eeuw.

Het voorstel, gepresenteerd door eurocommissaris voor Klimaat Wopke Hoekstra, is een richtlijn die de EU beter in staat moet stellen klimaatrisico's te voorzien, zich erop voor te bereiden en ze aan te pakken. Brussel wil dat de nationale plannen op EU-niveau worden afgestemd en dat overheden in hun beleid en investeringen uitgaan van een veel snellere opwarming dan eerder gedacht, om klimaatschade te beperken.

Naast de nationale plannen bevat het pakket maatregelen om Europa weerbaarder te maken tegen extremen zoals overstromingen, bosbranden en hittegolven, die de Commissie als het "nieuwe normaal" bestempelt. Ook moet het voor Europeanen eenvoudiger worden zich te verzekeren tegen klimaatschade, en komen er verplichte noodplannen.

Kosten en grensoverschrijdende risico's

Volgens de Commissie kosten weersextremen Europa nu al miljarden euro's en moet duidelijk zijn wie de schade betaalt — en wie betaalt om haar te voorkomen. In Nederland klonk kritiek: Brussel grijpt juist niet in bij de grensoverschrijdende risico's waarvoor het land van zijn buurlanden afhankelijk is, waardoor Nederland voor die problemen op andere lidstaten blijft aangewezen.