In Den Haag is woensdag de rechtszaak gestart tegen de 66-jarige Eugène N. uit Ede, een voormalig thuiszorgmedewerker. Hij wordt verdacht van betrokkenheid bij de genocide in Rwanda in 1994, waarbij naar schatting 800.000 Tutsi's om het leven kwamen. Volgens het Openbaar Ministerie gooide N. een handgranaat in een menigte, zette hij Hutu's op tegen Tutsi's, was hij actief betrokken bij de moord op 3000 Tutsi's in de plaats Mbazi en stal hij goederen en vee van Tutsi's.
N. was destijds leraar en plaatselijk bestuurder, waardoor hij enig gezag had. N. ontkent alle beschuldigingen. Zijn advocaten stellen dat hij juist alles heeft gedaan om de genocide te voorkomen. De Hoge Raad besliste in 2014 dat N. niet mocht worden uitgeleverd aan Rwanda omdat hij de Nederlandse nationaliteit heeft.
Het Nederlandse onderzoek naar de zaak loopt sinds 2020. De rechtbank heeft een marathonzitting gepland om de complexe zaak te behandelen, die teruggaat op gebeurtenissen van meer dan dertig jaar geleden.



