De burgemeester van Breda en de lokale VVD-fractie hebben de vernieling van een pop van NAVO-chef Mark Rutte veroordeeld als een overschrijding van morele grenzen. Het kunstwerk, bedoeld als protest tegen imperialisme en militarisering, werd ruw uit elkaar gehaald.

Volgens de gemeente ging de actie verder dan aanvaardbare kunstuiting, zelfs in een stad die bekend staat om haar tolerantie voor provocerende kunst. De boodschap van de kunstenaars ging verloren in de vernielingsmethode, aldus critici.

Het incident heeft geleid tot discussie over de grenzen van protestkunst. Er zijn geen arrestaties gemeld, maar de stad heeft zich gedistantieerd van de actie.